Zinsleer

Woorden staan natuurlijk niet alleen: in een taal worden ze gecombineerd tot zinnen. Die zinnen worden op een bepaalde manier opgebouwd – je mag niet zo maar wat woorden bij elkaar gooien! De zinsleer beschrijft hoe zinnen gevormd worden en welke verschillende delen er in een zin zitten. Elk zinsdeel heeft een eigen functie en voegt iets toe aan de betekenis van de zin.

In onderstaande video krijg je een heel kort overzicht van de verschillende zinsdelen die we kunnen onderscheiden.

Zoals je in de video al zag, pakken we hier op begrepen.be de zinsleer aan zoals een detective een mysterie oplost. De detective die we volgen, is detective Truman. Hij wordt naar een landhuis gestuurd. Beetje bij beetje komt hij te weten wat er aan de hand is. Hij gaat voorzichtig te werk: stap voor stap, met heel gerichte vragen.

  • Wat is er gebeurd? – Persoonsvorm
  • Wie is de dader? – Onderwerp
  • Wat voor een misdrijf is er gepleegd? – WWG of NWG
  • Wie is het slachtoffer? – Lijdend Voorwerp (under construction)
  • Wie is er medeplichtig? – Meewerkend voorwerp (under construction)
  • Welke aanwijzingen zijn er? – Bepalingen (under construction)
  • Op welke details moeten we letten? – Voorzetselvoorwerp (under construction)

Klik op de namen van de zinsdelen om rechtstreeks naar de juiste pagina te gaan. In elk deel gaat het verhaal verder…

Voor wie graag nog verder speurt, zijn er ook nog deze pagina’s:

  • Het alibi – onderschikking (under construction)
  • De bekentenis – nevenschikking (under construction)
  • De kant van het slachtoffer – passieve zinnen / het handelend voorwerp (under construction)
Wat je op voorhand al moet kennen:
– De soorten werkwoorden: zie onderdeel woordleer
– De vormen van het werkwoord: zie onderdeel woordleer
– De PV: zie hierboven
– Het onderwerp: zie hierboven